Al meer dan 3000 videoclips & lespakketten

Planten

Inleiding:

Veel mensen kijken uit naar de lente. Dan kunnen ze de koude en donkere wintermaanden achter zich laten en weer lekker naar buiten. Houden de kinderen ook zo van de lente? En weten ze hoe planten het best groeien? In deze les komen de kinderen door middel van een video meer te weten over de verschillen tussen bollen, knollen en zaden. Vervolgens gaan ze zelf zaadjes van tuinkers laten groeien en vergelijken ze de groei als ze die zaadjes in het licht of donker, met of zonder water en in de warmte of kou laten ontkiemen.

Kern:

Bespreek de aanstaande lente met de kinderen. Laat ze in groepjes de volgende punten met elkaar bespreken: Vind je het fijn dat de lente eraan komt? Wat zijn de kenmerken van de lente? Wat is het favoriete seizoen van iedereen? Maak op het bord een beknopt overzicht van de uitkomsten van dit overleg. Laat daarna onderstaande video zien. Geef hierbij de volgende kijkvragen. Geef hierbij de volgende kijkvragen: 1. Wat zit er in de rokken van een ui? (voedsel) 2. Wat hebben de lagen en de kern van een ui met elkaar te maken? (de lagen beschermen de kern) 3.  Noem twee voorbeelden van knolgewassen (aardappel en wortel) 4. Hoe heet het binnenste van een zaadje? (kiem) Bespreek de antwoorden kort na.

Afsluiting:

Vertel dat de kinderen de zaadjes gaan planten. De klas gaat dit in verschillende groepjes doen, maar de omstandigheden zijn niet hetzelfde. Er zijn diverse mogelijkheden voor de omstandigheden: In het donker (met en zonder water, bijvoorbeeld in een kast), in het zonlicht (met en zonder water, bijvoorbeeld in de vensterbank) en in de kou (met en zonder water, bijvoorbeeld in de koelkast).

BENODIGDHEDEN:

  • Een plastic koffiebekertje
  • Wat potgrond
  • Wat zaadjes tuinkers

Laat de bekertjes eerst vullen (voor ¾) met potgrond. Laat ze de zaadjes erop leggen en eindig met een klein laagje aarde. De kinderen die water mogen geven doen dat een heel klein beetje. Vervolgens worden de potjes op de verschillende plekken weggezet. Na drie dagen wordt er een tussenstand van de groei opgemaakt, waarbij de lengte, de kleur en andere uiterlijke kenmerken worden beschreven. Na een week worden alle potjes naar de klas gebracht en wordt de groei op dezelfde manier als na drie dagen beschreven. Welk plantje is het hardst gegroeid? Welk plantje ziet er het mooist en gezondst uit? Laat de kinderen tenslotte de tuinkers (de goed gegroeide!) proeven.